“No spang.” “No spang…” “No spang….!!”

 

Na drie keer had ik genoeg gehoord: mijn collega had aan de andere kant van de lijn de  allereerste dove kaartverkoper. Dit bleek niet zo te zijn. Maar na de zeven ‘no spang’s’ die nog volgden, kon ik niet anders dan die conclusie trekken. Mijn Indische collega ging van ellende ook maar Surinaams praten. Het werd een soort hersenspoelsessie die zijn weerga niet kende. Drie mensen aan het lachen en de ‘no spang, je weeeet toch’s waren niet van de lucht.

 

Binnenkort is er een theatershow in Den haag (Theater Diligentia) te zien. Het heet “No spang!”. Surinaams voor ‘maak je niet druk’. Het gaat over een Surinaamse vrouw die gaat vertellen over haar leven. En zingen. Een avondvullende show vol vertier.

 

Belangrijk in deze: het gaat over haar leven, maar dat leven ge- en bezien vanuit relaties met…
de mannen in haar leven.

 

Het stukje wat ik erover las, was erg kort. Hierdoor is mij niet geheel duidelijk waar de titel voor staat. Gezien de soms keiharde aard van ‘de vrouw’, met daarbij nog een vleugje Surinaamse wreedaardigheid, kan ik niet anders concluderen dan dat ik het volgende MOET zeggen.

 

Ben je een man, ga dan niet.

 

Tenzij je jezelf bloot wenst te stellen aan de pure haat van een vrouw. Met haar ‘zusters’. In één zaal. Tenzij je masochistisch bent ingesteld. Om de priemende blikken van de vrouwen om je heen te voelen. Als het al bij priemende [i]blikken[/i] blijft.

 

Er hoeft maar weinig te gebeuren. Je komt zaterdagochtend vroeg in de ochtend thuis na een avond flink stappen en je vrouwtje zit op de bank. Je hoort de taxi nog claxonneren na de gezellige rit met de anderen die nog verder moesten om thuis te komen. En met dat geluid verlies je je laatste restje hoop op redding. Ze zit te wáchten. Heb jij dat met je nog dronken kop. Armen over elkaar. Je recht in je ogen aankijkend. “Wat is er schatje?” “Wat is er schatje?! Doe nou niet zogenaamd lief! Kijk hoe laat het al is! Waar was je? Gewoon vanuit je werk vrijdagmiddag, kom je nu zo vroeg op zaterdag thuis!!” “Hoe bedoel je waar ik was? Ik was toch gaan stappen? Sjeezes, kunnen we het hier niet later over hebben, ik wil slapen. Laat me.” “Oh… ik moet je laten noh? Wel, dan laat ik je.” Vanaf dat moment wordt er geen woord meer gesproken. Tot het moment dat ze – inmiddels is het zondagochtend- ineens weer tegen je begint te praten. Jij bent nog niet helemaal wakker. Ze vertelt in geuren en kleuren.

 

De zaterdag ervoor was ze naar de theatershow ‘No spang!’ gegaan. Met een vriendin. De openingssong was ‘Yu saka-saka beest’ (jij vieze vuile klootzak). Alle vrouwen schenen de tekst binnen één minuut te kennen en foutloos mee te zingen. Gevolgd door het (volgens haar) diepgaande ‘M’o brok’i hersen djie’ (ik ga je hersens breken). ‘Njang mi mars’ (eet m’n mars/reet/stront) werd luidkeels meegezongen door een stel ruige negerinnen op de eerste rij. Er werd zelfs gedanst. Achterin de zaal waren enkelen bezig meegenomen attributen te verbranden die zij hadden meegenomen van thuis. Foto’s van hun mannen. Mobiele telefoons van hun mannen. Agenda’s.

 

De avond spetterde bij het einde. ‘M’o kot’i balzak’ (ik snijd je ballen eraf) werd onthaald als ware het een nieuw lijflied. En toen de vrouw eindigde met ‘I diek mi sisa terwijl mi bin loekoe tévé’ (je hebt m’n zus geneukt terwijl ik tv aan het kijken was), schenen vrouwen al huilend en gillend in de rondte te hebben gerend van herkenning. Op het einde hebben de vrouwen de actrice overladen met een ovationeel applaus. Alsof ze een popster was.

 

Wanneer iemand naar de show gaat, van plan is te gaan of uiteindelijk IS gegaan, meld het me dan alsjeblieft. Ik wil graag weten hoe het écht zal zijn.

 

Terwijl je vriendin na haar verhaal iets neuriet, hoor je in de verte door je slaap heen alsof ze iets zingt.
“…m’o kot’i balzak… ga maar verder slapen schatje… no spang…”

 

Ik denk dat je vanaf dat moment nog maar één oog hoeft te sluiten tijdens het slapen.

 

 2007