Kill Bill for killing Offline
juni 19, 2008
Sommige dingen in het leven zijn vrij helder te noemen. Sommige dingen, je raadt het al: óók. Wat je nog niet wist: sommige dingen zijn vrij vaag. Niet helder. Dit begin zou je daar zomaar onder kunnen scharen. Dat zou jammer zijn, want vage zaken nemen geen keer.
Vooraleerst: mijn respect voor de mens én (ex-)voetballer Glenn Helder is te groot om hem hierin te betrekken. Voor het gemak wissel ik hem daarom in voor Jort Kelder. Want die is vaag. Maar Georgina zal zeggen: ‘hij is mijn held!’. Ik persoonlijk, vind Glenn meer held. Helder, zogezegd. Wie held is, werpe de eerste steen.
‘Bezet’ & ‘Aan De Telefoon’
Vroeger was ik klein. Nu ben ik groot. In de tussentijd zat een vrij groot aantal.. ‘verhelderende’ momenten. Zo zou je ze best kunnen noemen. Als kind zoek je graag ‘de grens’ op, want ja, je bent niet voor niets kind. Ouders zijn degenen die jou op de één of andere manier wijzen op het benaderen van die onzichtbare grens. Dat wijzen kan op verschillende manieren gebeuren. Op zich is dat niet erg. Het is de manier waaróp. Die doet het ‘m.
Het geeft een indicatie van de mate van verheldering. Begon de zin met (vertaling vanuit het Surinaams): ‘als ik mezelf niet bedenk dat ik een god heb, dan….’, dan kon je er vanuit gaan dat er een dolle bende aanstaande was vanaf dat moment. Dat wat er op de puntjes zou kunnen staan, is voor een ieder verschillend. Voor iedere Surinamer die de puntjes blindelings in zou kunnen vullen, zou dit midden in de nacht, in een nachtmerrie bijvoorbeeld, nog kunnen zorgen voor zweet. Let wel, langs de bilnaad.
‘Je hoofd-zijde (hersenpangebied) werkt niet goed hè??’ Je hoefde er trouwens niet op te rekenen dat ze gemaakt zouden worden door degene die dit zei. Leuk aanbod.. maar dit was niet direct de bedoeling van die woorden. ‘Jongen, ik ga je wijzen/leren straks, wacht maar’. Terwijl ze gewoon bleef zitten. De enige die na die demonstratie van púre macht en controle een krimp gaf, was dat mannetje wat achterop mijn onderbroek stond: Bert. Van Ernie. Onbeschofteling, zei hij tegen mij. Wat kon ik anders, die spanning moest eruit. Maar goed. Natuurlijk vlak ik good-old ‘……….’ niet uit. En wat hier staat is je náám. Zoals die alleen door je moeder of vader, of beiden in het aller-donkerste geval, uitgeroepen kan worden en dit allemaal, alleen díe dag, een spe-ciaaale aanbieding: inclusief twintig uitroeptekens. Maar dat natuurlijk weer gehéél ter zijde.
Het was duidelijk voor je. Je zag het en hoorde het, maar het belangrijkste van alles: je wist het. Helder.
‘Afwezig’, ‘Zo Terug’ en ‘Lunchpauze’
Welk één mooie, zonnige dag was dat. De dag der dagen. In afwezigheid van…. wel, ze had het stiekem al voorspeld: hersens. Of tenminste, ze werkten niet goed. Die dag. Een doorbraak. Bijna net zo erg als de dijk bedoel ik dan. Ik heb niets tegen de band, maar die bedoel ik ook niet. Een echte dijkdoorbraak. Er wordt nog steeds gezegd dat het één van zijn vingers was die het gat dichtte, maar dat zullen we nooit weten. Welke vinger? In de naam van de roos? En dito-geur en daar bovenop nog de maneschijn? En de sterren? Wel, in één klap los ik direct een ander mysterie op.
Mensen vragen zich nog steeds af hoe het komt dat ik toch zo snel was. Nog wel ben eigenlijk. Nou. Op één zo’n fantastische, niet goed-werkende hoofd-zijde-dag, haalde ik het in mijn hoofd. Terug in onze straat na een bezoek aan het winkelcentrum, waar ik waarschijnlijk iets niet had gekregen wat ik wél wilde, deed ik het. Ik durfde mijn middelvinger op te steken naar mijn moeder. Mysterie snelheid opgelost. Door het rennen hing mijn tong naar buiten, maar die hing al naar buiten. Die kreeg ze bij die middelvinger. Wat dan op dat moment, en dat is heel fijn, vrij helder is, zélfs wanneer je dan pas zeven jaar oud bent, is dat je nergens heen rent. Waar je ook heen rent, uiteindelijk ben je uitgerend. En dat is het summum. Dat is het toppunt van alles. Daar, op die plek, daar gebeurt het. Vanaf het moment dat ik begon met rennen, kwam de spreekwoordelijke duivel die ik had opgewekt door mijn leukheid, tot volle wasdom. En toevallig gebeurde dat op die plek. Waar ik was toen ik was uitgerend. Maar dat wist ik.
‘Offline’
Waarschijnlijk kon je aan dit verhaal geen touw vastknopen. Ik ook niet. Daarom heb ik het maar hier losgelaten. Zodat je ziet wat ik helder vind. Als je er al iets uit kunt halen. Soms is het grijs gebied, maar: het zou niet moeten kunnen. Want wat ik wilde zeggen is dit.
In een wereld die beheerst wordt door computers, gebeurt het vaak dat communicatie middels, hoe toevallig dat dat hier genoemd wordt, computers tot stand komt. De kanalen hiervoor zijn legio. MSN is maar een voorbeeld. Deze pik ik er dus uit nu. De verschillende statussen heb ik door dit stuk heen genoemd. ‘Offline’, de laatste, is de meest duidelijke van allemaal. Tenminste, wás. Want die ’status’ bestaat niet meer. ‘Offline’ is tegenwoordig óók ‘Online’. Bill Gates heeft ‘Offline’ vermoord. Want ‘Offline’ bestaat niet meer. Zei ik al dat ‘Offline’ niet meer bestaat? Moet ik het helderder uitleggen? ‘Offline’ bestaat niet meer. Zoals je in de tegenwoordige tijd kunt zien wie er belt, is ook dit normaal geworden. Terwijl dat vroeger ondenkbaar was, nummerherkenning. Er is een hele generatie die die tijd niet eens kent. Maar wat wil je in een tijd waar kinderen van vier jaar al een mobiele telefoon hebben. Ik had toen gewoon heel veel knikkers en was net zo blij. Kon er alleen niet mee bellen want in die tijd waren er nog geen batterijen voor die knikkertelefoons. Maar een knikker door het raam en die jongen kwam gewoon knikkeren. Effectiever én het kostte me niets. Mij niet.
Het zou zomaar kunnen dat ook ík me bezondigd heb aan het sturen van offline-berichten aan mensen via MSN. Andersom gebeurt het ook. En meestal zijn het mensen die je kent, even testen: ‘Ben je er/undercover?’. Maar ook gebeurt het dat dat níet zo is. Mensen die je níet kent.
Dus. Ook voor kwekkerende mensen, em-es-ennende mensen, respecteer de regels van weleer: houd ‘Offline’ in leven. Want, laat ‘Offline’ nou eindelijk eens duidelijk zijn. De rest is grijs gebied en de afspraken daarvoor zijn soms duidelijk, soms ook niet. Speel ermee, kijk wat wel en niet kan. Gebruik je verstand in ieder geval. Het gezonde deel dan. Niet het grijze deel.
De nacht van de dag der dagen lag ik op bed en dacht aan wat er die middag was gebeurd. In mijn droom later was het alsof iemand op school een kilo geplette madam jeanetjes in mijn onderbroek had gegooid. Onderbroeken-Bert aan de achterkant zweette pééntjes en was niet blij. Maar altijd nog blijer dan ik. Terwijl ik daar lag, dacht ik aan het wegrennen. Had ik enig idee waar ik heen rende? Nee. Het enige waar ik voor wegrende was de duidelijkheid en de helderheid. Daar liggend had ik door dat ik op die dag het licht van de helderheid had gezien. Gevoeld werkelijk. De duidelijkheid. De logica erachter.
Mijn hersens werkten niet. Vertaald naar nu: ik stond op ‘Afwezig’. Maar mijn moeder stond op ‘Offline’ die middag. En ik waagde het haar tóch lastig te vallen met mijn middelvinger, die ze er eigenlijk af had moeten hakken. Het was ook nog eens de nieuwe ‘Offline’. En zij was niet gediend van mijn toenadering. Duidelijk niet.
Duidelijk, niet?
2008
Black Russian, Russian Goals… HUH?!
juni 12, 2008
Bij het EK Voetbal, hoofdletter ‘V’, jawel, zijn in totaal drie Nederlanders als bondscoach aanwezig. En actief. We kennen de onnavolgbare speler, trainer én golfer Marco van Basten, als coach van het Nederlands Elftal. Leo Beenhakker is de coach van Polen en Guus Hiddink completeert het toch vrij opmerkelijke groepje. Hij is in dienst bij de Russische bond als bondscoach van Rusland. Onder zijn bezielende leiding is er een revival ontstaan in het Russische voetbal. Met die revival noem ik natuurlijk ook Dick Advocaat, die met zijn Russische club Zenith de UEFA-cup wist te winnen enkele weken geleden. Ook niet de miljoenen die er in de ‘industrie ter plaatse’ zijn gepompt en de bijbehorende mankracht. Toch is het wel een hele toer geweest om dit voor elkaar te krijgen, vandaar het respect wat er is afgedwongen.
De doelstelling van alle drie de coaches is verschillend. Waarschijnlijk willen ze allen Europees Kampioen worden, goed. Marco van Basten heeft wat dat betreft de grootste kans. Ook de beste spelers. Op papier. Tegen Italië kwam het eruit, maar ook die gasten weten nu dat zo’n prestatie verwachtingen inhoudt. Bij zijn aanstelling destijds, heeft hij uitgesproken zijn ‘kunstje’ te willen flikken op dít Europees Kampioenschap. Nu is het zover. Polen heeft zich voor het eerst in de historie geplaatst voor de eindronde van een EK. In de historie van Polen, in de historie van voetbal, in de historie van Bruine Bonen Met Rijst: voor het éérst in de his-to-rie. Meedoen is belangrijker dan winnen. Niet dus, zo werkt het voetbal niet. Lukt het niet, okay. Maar ze zullen hun tanden nog wel willen laten zien. Redden ze het niet in de eerste ronde, dan komen ze daar wel overheen.
Guus Hiddink’s doelstelling was ongeveer gelijk aan die van Van Basten. Waar MvB zich bij zijn aanstelling dus had uitgesproken over een goed team, om tijdens de eindronde van het EK hoge ogen te gaan gooien, plaatste hij zich per ongeluk voor het WK. Twee jaar eerder. Niet per ongeluk natuurlijk, maar er waren wat hem betreft geen hoge verwachtingen op dat toernooi. Nu wel. Rusland’s Hiddink en Hiddink’s Rusland hebben de afspraak gemaakt dat er op het WK in 2010 een Zuid-Korea-achtige prestatie, ook onder zijn leiding, moet worden neergezet. Nu, tijdens dit EK, wil iedere Rus zijn stinkende best doen, maar het wordt een lastig verhaal. Echter is wel helder wat de bedoeling is. Guus en Leo moeten hun spelers alleen nog aan het verstand brengen dat ze wel degelijk kunnen voetballen. Dat het een kwestie van LEF is, liefst een hele scheut. ‘USSR’…. het meesterlijke team van vroegere tijden had weinig nodig. Een blik op het gezicht van de gewezen en overleden coach Lobanovsky was genoeg. Die wilde je niet boos zien. Over twee jaar zullen zowel Polen als Rusland twee andere landen zijn, van een andere orde dan nu. Dit is gratis en mooi meegenomen, een betere plek dan een EK is er niet om van te kunnen leren. De doelstelling wordt dus niet aangepast, maar de verwachtingen worden bij voorbaat getemperd. Van binnenuit. Ik ben benieuwd of Guus trouwens al een woordje Russisch spreekt. Het lijkt me lastig om iets uit te leggen aan iemand die jouw taal niet spreekt. De tolk is er natuurlijk, maar tóch wil je, en zeker in het geval van dat mentale aspect, tot de kern doordringen.
Mijn eigen doelstellingen zijn niet helemaal helder. De tijd zal het leren. Ik vlam wanneer ik vlam. Aanpassing van enige doelstelling volgt, op het moment dat hét moment dáár is. Dat wat iedereen wil, kan men najagen, echter ben ik nog aan het bedenken op wat ik ga jagen. Sommigen niet. Die jagen als waren zij zelf de beesten.
In mijn mailbox ontving ik drie dagen terug een mailtje van een meisje. De verhalen hierover zijn legio, zó vaak gehoord, alleen: ik had het zelf nooit meegemaakt. Hotmail, dus die berichten moeten bekend overkomen. Normaal gesproken worden ze, zoals ík ze zie, verstuurd naar een ieder op deze planeet met ‘fabian’ in zijn e-mailadres. Het is al ‘normaal’ voor me. Ongelezen verwijderen. Het ‘normale’ verhaal werd echter over een andere boeg gegooid. Zo op mijn hoofd, waardoor ik bijna vroeg of het per se een ziekenboeg moest zijn. Geen antwoord, want ik vroeg het… bij-na.
Via-via werd ik door haar benaderd en ze gaf me haar e-mailadres. Ze woonde in Amsterdam en ‘zag er best leuk uit’ (…), dus ik dacht ‘een babbeltje kan geen kwaad’. Ik stuurde haar een extreem korte mail,
‘ ‘ (spatie), zodat ze mijn e-mailadres had en kreeg antwoord. Op een nooit gestelde vraag van mij, bedacht ik me. Daar kwam de eerste ‘HUH?!’.
Twee foto’s van haarzelf, nette foto’s, geen naakt, maar ook een… verháál!!! Ze kwam uit Rusland, dus niet Amsterdam, zoals ik las bij haar, in eerste instantie. In ik-weet-niet-hoeveel zinnen vertelde ze dat ze een serieuze relatie wilde. Ze vertelde over zichzelf, haar land en what not. Of ik nou Timboektees, Timboeker, Timboektaan of een andere bewoner van Rotterdam-West zou zijn: ze wilde met iemand iets serieus beginnen. Geen spelletjes. Niet liegen. Amsterdam? Ze had uitgelegd dat ze daar niet op een Russische site kon komen, vandaar die ‘kleine’ leugen. Die alle kwaliteiten moest hebben die zij had genoemd. Wáár hij ook vandaan kwam. Ze zou er naar toe reizen, al was het de maan. Spoetnik? En dat ‘hij’ datgene leuk vond wat zij weer beschreef over zichzelf. Voor zover ik uit het door haar gebruikte Russels kon komen. Zou het Engels van oud-premier en nieuw-betaster Ruud Lubbers ooit fonetisch worden neergepend, dan zou dat er nog leesbaarder hebben uitgezien. De grote lijn was meteen helder en ik probeerde in nette bewoordingen duidelijk te maken dat ik niet van zins was om deze gok te wagen. Dat dit niet was wat ik wilde en dat ik er eerlijk over wilde zijn tegen haar. Ze begon over een eerder gebroken hart, dus wilde ik duidelijk zijn wat, zoals vaker, best handig is. Ik zei ook dat ze me niet hoefde te antwoorden als ze zich niet kon vinden in mijn toelichting.
‘HUH?!’ (maal honderd). Vanmiddag. Een nieuwe e-mail. De maillengte was verdrievoudigd, er waren nu drie foto’s bijgevoegd en enige alinea-indeling was achtergebleven op de digitale snelweg. Ik kan er met een gerust hart vanuit gaan dat ze mijn e-mail helemaal niet heeft gelezen. Want ik zag dezelfde bewoordingen voorbij komen, alleen stonden er nu nog meer persoonlijke zaken tussen. En aanvullende vragen, gevoegd bij de vragen die ik onbeantwoord had gelaten. Als ik puur op de foto’s afga, dan hoor je mij niet klagen. ‘Alles sal reg kom’ eerder. Maar ik vind het vervelend dat datgene wat ik tegen haar zeg, niet gehoord wordt.
Dus doe ik een beroep op diegenen die dit lezen. Ken je een Russische? Ken je een Rus? Heb je foto’s? Stuur ze me dan niet. Zonder gekheid: iemand met een Russische tongval/toetsaanslag, kan haar misschien vrij kort en helder duidelijk maken wat ik al tegen haar heb gezegd. Ik hoor graag of er iemand is die haar zou willen antwoorden. Kopie Russisch paspoort ter controle zie ik graag tegemoet. Eventuele hieruit voortvloeiende reiskosten richting Rusland worden niet vergoed door mij. De andere kant is dat ik er uiterlijk overmorgen een mail uitstuur die zo kort door de bocht is, dat de weg recht wordt. Krijg ik geen reactie… kejje lache. Letterlijk. Anders kejje écht lache.
Afsluitend: ze is wél een lief, leuk plaatje… sssssssssssoit!
Nog een gratis tip voor Marco: ik verwacht een wissel van je tijdens dit toernooi, waar héél Nederland over zal vallen. Kijk naar Dick Advocaat in 2004. Vier jaar later: UEFA-cup in handen, nét voor het volgende EK.
En ik ga er dan natuurlijk, net als Danny, blind vanuit dat je na drie jaar zult vertrekken bij Ajax.
2008
Dominantie in de kantlijn
juni 10, 2008
Het nummer is gevonden. Een glimlach op zijn gezicht. Instellen….repeat…klaar. Zo. Nu PSP’en.
Een paar uur later was het zover. Het EK ging voor Oranje écht van start. En we hebben het geweten. Iederéén. De buitenlandse media strooiden kort na de wedstrijd met termen die er in grote lijnen op neer kwamen dat zelfs de Nederlandse bevolking niet had verwacht dat Nederland zo zou spelen. Nou is dat een waarheid als een koe. De put waar het kalf is verdronken, was al gedempt voordat er ook maar één Oranje-klant in het vliegtuig zat. Ook ik stond bij die put te loeren. Ook ik had mijn bedenkingen over een goeie prestatie. De kwaliteiten van de spelers stonden buiten discussie. Wat vooral miste was de chemie en de overtuiging.
De spelers zelf hadden er overigens wél een goed gevoel bij. Dat kon ook niet anders, zij waren er zelf bij. Wij als kijkers moesten ons voornamelijk ‘behelpen’ met enkele oefenwedstrijden en berichtgevingen van de trainingen. De Jong traint goed, maakt een goeie indruk, zou kunnen beginnen in de basis. Van Persie is bijna fit, of toch niet, of… kort gezegd: over een basisplaats van mijn persoonlijke held werd geheimzinniger gedaan dan Big Bill Clinton’s uiteindelijke ontboezeming van Lewinsky’s Havana-Heaven. Robben is geblesseerd, maar loopt schijnbaar pijnvrij en… hm, zou hij misschien tóch… mysterie alom. De laatste oefenwedstrijden begonnen zo langzamerhand op iets te lijken waarvan de meesten dachten: ‘hey, wie zijn dit?’ De één-na-laatste oefenwedstrijd gaf al een indicatie van de mogelijkheden van Oranje. Vooral de eerste helft was van een aardig niveau. Pressie, aanvallende drang, wilskracht. Overleg, agressie en vooral: gedrevenheid. De tweede helft was van een minder niveau, maar goed, het is onmenselijk om dit een hele wedstrijd vol te houden. De supporters die daar aanwezig waren, waren ongekend hard in hun eindoordeel: KUT, SLECHT, ONGELOOFLIJK. Er moet echt wat veranderen, dat was de teneur. Was ik het niet mee eens. Ook een reden om geen poule in te vullen. Het negativisme stond me tegen. En nee, NIET de vijf euro die het me zou kosten.
Over de laatste oefenwedstrijd die op zondag werd gespeeld, kan ik kort zijn. Ik smste, na een kwartier zappen langs alle kanalen, een vriend van me rond zeven uur met de vraag: ‘Euh, heb ik Nederland gemist of…’ Zó klaar was ik voor het toernooi, geen oefentroep meer. Afgelopen, klaar. Let the games begin.
Tot een uur voor de wedstrijd had ik nog geen spanningen, maar dat kwam allemaal vanzelf. De Gamma-toeter had ik al een aantal weken klaarliggen. Enkele Welpies die ik in huis heb staan, hebben hun plekje gevonden en wachten op aanvulling van hun groep. Albert, ik kom eraan. Leg ze maar klaar die Welpies, want het bier is op. Het gevoel komt tóch altijd. Evenals twee jaar terug tijdens het WK. Zelfde verhaal, zelfde coach, zelfde tendens van de Nederlandse bevolking. Echter toen het toernooi begon: wie had kunnen denken dat de Oranje-koorts bij de meest verstokte fan in dusdanige vorm zou komen opzetten? De wisselwerking tussen ‘de beleving’ van de spelers en de voetballiefhebbers is dan van doorslaggevend belang. Met als hoogtepunt de geelzucht-wedstrijd tegen Portugal. Heetgebakerdheid ten top. Alle gekheid op een stokje. Knappe jongen (of meisje) als je toen niet letterlijk gek bent geworden van dat spektakel. Maar helaas betekende het ook: einde toernooi.
Maar: gisteren. Kijk op het internet, lees de kranten en speur het internet af. Ik kan onmogelijk namen noemen van uitblinkers, want dan wordt het een analyse van alle spelers. Er zal er altijd één zijn die minder speelde, maar dan zou ik bezig zijn als een echte Nederlander. Het ging om de prestatie en die was… onnavolgbaar. Ongelooflijk. Dat wat ik gisteren heb gezien, heb ik lang niet gezien van ‘een’ Nederlands Elftal. Gedrevenheid. Wil om te winnen. Kijkend naar de eerste helft, leek het alsof er een nieuw team was opgestaan. Jongens die willen laten zien dat ze KUNNEN en WILLEN voetballen. In één woord: geweldig. Dat zij dat gevoel al twee jaar hebben na ontelbare keren te zijn afgemaakt in de media, is alleen maar meegenomen. Verslapping verwacht ik niet, gezien de reacties direct na de wedstrijd. Er begint logica te komen in de keuzes van Van Basten. Iedereen had namelijk verwacht dat John Heitinga zou starten in de basis, want dat zou logisch zijn. Dus niet. Zijn keuze is dus begrijpelijk, want dat is precies wat je kunt verwachten van hem. Het onverwachte. Wat voor hem weer volkomen logisch is. Zelfs zonder invloed van Mr Logisch himself, Johan Cruyff. Zoals het er nu voorstaat, is Nederland een nieuwe groep ‘toffe jongens’ rijker. Dit kan alleen maar groeien, door spelers die op de achter- en voordeur staan te kloppen. Kijk naar Jong Oranje en de spelers die daar rondlopen en af en toe doorschuiven. Zij weten, zoals een gemiddelde Nederlander het zou noemen, op een on-Nederlandse manier wat winnen is. Die gaan straks als Olympisch team op de Olympische Spelen een gooi doen naar ‘eeuwige roem’. Ik ben nu niet overdreven positief, echter spelen er op dit moment een aantal jongens in, die in íeder ander land op handen zouden worden gedragen. Maar dit is Nederland, dus laten we vooral nuchter blijven.
Inmiddels is er een dag voorbij. Het is dinsdagochtend. De PSP is ingewisseld voor een Italiaanse krant, die niet te lezen is voor hem. Zijn naam staat er echter wel, in die krant. De muziek klinkt wel in zijn oren, via zijn mp3-speler. Hij was geen uitgesproken house-liefhebber, maar tóch. Vóór de wedstrijd werd door een Italiaanse sportkrant al voorspeld dat drie mensen Robben zouden kunnen vervangen. Met Kuijt als vierde. Die speelde dus.. en hoe. Sneijder, Van der Vaart en Afellay waren de bedoelde drie. ‘Trio fantasie’ werden ze genoemd. En dit was nog vóór de wedstrijd zoals gezegd. De ‘dodelijke dribbels’ van Afellay kregen een aparte vermelding. Een Spaanse tv-zender had vooraf ook al een reportage uitgezonden over hem. 21 jaar. PSV’er. Althans, voorlopig. De speler kijkt, lacht en voelt kippenvel opkomen. Hij denkt terug. De invaller.
Hij kreeg de bal in de ruimte aangespeeld aan de rechterkant en begon, met zijn blik óver de bal, aan een aanvallende actie, gericht op het doel. Het publiek gaat al lichtelijk staan. Hij, de lefgozer, zoekt zijn tegenstander op, kapt hem uit. Helaas, hij wordt enigszins naar de buitenkant gedreven en vanaf dat moment wordt er een voorzet verwacht vanuit die hoek. Het publiek stond al ongeveer op z’n/haar ténen inmiddels en was al ietwat teleurgesteld dat hij een beetje uit moest wijken. Het volume van de mp3-speler wordt voluit gegooid: ‘I’m bigger and bolder and rougher and tougher – in other words sucker there is no other’.
Donadoni, de coach van Italië, iedereen in het stadion, Marco van Basten, de bank, iedereen die thuis zat te kijken, de Italiaanse spelers, mijn Welpies, werkelijk iederéén was verbaasd over dat wat volgde. Uit die hoek. Van die kleine jongen. Hugo ‘komt dat schooooooooooot’ Walker zou geen tijd hebben om ‘ …sch..’ te zeggen. De bal, die de voet van Ibrahim als een kanonskogel had verlaten, teisterde de bovenkant van de lat. Buffon dook er wel naar toe, maar zou een pluisje van zijn handschoen die al in de búúrt van de bal zou komen, moeten hebben gelegerd met gewapend betón om die bal te kunnen stoppen. Het geluid van die bal tegen de bovenkant van de lat…
… je moet voetbal ‘leven’ om dat geluid heerlijk te vinden ‘Ooooeeeeeiiiiiiii!!!!!!!!!!!!’, hoorde je uit duizenden kelen, maar als één man.
‘I’m the one and only dominator’. Nog een keer. ‘I’m the one and only dominator’. Voor mij was die actie de, weliswaar onzichtbare, maar tóch: slagroom op de taart. De krenten in de pap. Technisch gezien een wáre kippenvel-actie. Zoals Dennis Bergkamp, mede-tovenaar, die vaak uit zijn elastieken lichaam toverde. Ik verdenk Gio er trouwens van zichzelf en alle anderen, voorál de jongeren, te hebben gehypnotiseerd met dit nummer.
Want in de kantlijn van Nederland-Italië schreef Ibrahim Afellay, wat mij betreft, een wer-ke-lijk schítterende alinea. Arsenal, zorg dat deze jongen dat reeds klaarliggende, tienjarige contract, zo SPOEDIG mogelijk gaat ondertekenen.
Maar NIET in de kantlijn natuurlijk.
2008
To tief(t) up or not to tief(t) up, that’s the question II: ‘in afwachting van deel III’
juni 4, 2008
Nee, de televisiegeschiedenis zal vanaf vandaag rond 22.45u nooit meer hetzelfde zijn. En ik ben blij dat ik hier, door dit te noemen, deel van mag uitmaken. 64 (!!!) zenuwslopende minuten scheiden ons van de Nederlandse televisie-première van ‘The Terminator’. RTL 7.
Wel.
In afwachting van deel drie, is hier nu, kort, deel twéé. Want laten we het hier in de naam van Oranje Welpjes vooral logisch houden.
In navolging van mijn zoektocht naar een nieuwe buurvrouw, zag ik het volgende staan op de internet-site alwaar het huis te koop staat:
‘verkocht onder voorbehoud’
Waarna ik gewoon vervolg en moet aangeven dat deel drie zomaar een stuk slechter zou kunnen zijn dan deel twee. Ik loop niet op de zaken vooruit.
Wat ik er wél over kwijt wil: in het állerergste geval, en dat is vollédige eigen invulling totdat er meer duidelijkheid is, komt er helemáál geen deel drie.
Echter, indien één van onderstaande vragen:
(ouderwetse Batman-afsluiter)
Heeft de makelaar nog *************** gebeld???
Of heeft de makelaar *************** nog gebeld???
Is er inmiddels een koffietekort bij de makelaar???
Is er een huurmoordenaar bij betrokken???
Of toch de bi-seksuele vriendin van…???
Of is de makelaar toch opget…(t)???
Als je het wilt weten, kijk dan volgende keer…….
positief wordt beantwoord, komt er een deel drie. Met uitzondering van vraag vier.
Want dan komt er sowieso geen deel drie.
2008
NB: lees je dit later deze maand, dan heb je kans dat je ondanks ál mijn genomen moeite, tóch denkt: ‘Huh? Was de première van ‘The Terminator’ woe….???’ Uit de grond van mijn hart, echt waar: sorry.
Misleiding kruipt door het oog van de naald (-XXL-)
juni 1, 2008
Afgelopen dinsdag maakte ik de gang naar de plaatselijke drogist om lenzenvloeistof te halen. Excuus, kopen. Net als met bier: hoewel ‘bier kopen’ in mijn ogen beter lijkt en in mijn oren beter klinkt dan ‘bier halen’, ga je toch meestal ‘bier halen’. Ter aanvulling: na verloop van tijd ga je na het bier drinken, net als met lenzenvloeistof, bier in je oog druppelen. Vandaar deze verre vergelijking.
Aangezien die van mij op was én ik natuurlijk weer eens geen nieuwe had besteld, was deze dus -komt ie weer- óp. Lenzenvloeistof heb ik in mijn leven vaak gekocht. Tóch heb ik in dit specifieke geval erg lang getwijfeld over welke ik moest nemen. Meestal is het voor mij een kwestie van vragen:’Heeft u…’ en ik loop naar het desbetreffende rek en weet direct welke ik hebben moet. Maar dinsdag niet. Ik koos voor de ‘No-Rub ‘Alles-in-één-vloeistof’. ‘De ‘No-Rub’-versie was de reden dat ik twijfelde. Na bestudering van beide flesjes, kwam ik niet verder dan alleen dát verschil. Want de lenzen dienden minimaal zes uur in het bakje te blijven zitten voor een goede reiniging, maar dat was bij beiden het geval. Dan zou het goed genoeg zijn om je lenzen weer in te doen, zonder prikkende ogen of iets dergelijks. Vanwege de waterstofperoxide in de vloeistof. Deze lost vanzelf op, dit gebeurt na ongeveer zes uur.
Het meisje achter de balie las mee op haar flesje -….lenzenvloeistof- en we deden nog net geen spelletje over wie nou een verschil had ontdekt. Ik hoefde volgens de ‘vernieuwde receptuur’ de lenzen niet in te wrijven voordat ik ze in het bakje zou leggen. Wel, ik was hier dusdanig blij mee, dat ik spontaan besloot om deze te kopen. Want dat deed ik toch al nooit. Wrijven. Dus nu he-le-maaaaal niet.
Ken je dit? ‘Van het éééééén, kwam het an-derrrrr?’ Wel.
Nederland speelde woensdag tegen… euh… Denemarken en ik zat bijna te huilen op de bank. Nee, het was niet om Clarence Seedorf. Ook niet om Edgar Davids. En zéker niet om Heintje Davids. Nou moet ik eerlijk zeggen dat ik de eerste helft best wel aardig vond, maar dat was voor mij niet de reden een traan of twintig te laten. Ik had in eerste instantie een wazig zicht. Ook dit kwam niet door de fletse tweede helft van Nederland. Dit komt gewoon omdat ik overdrijf. Met ‘fletse vertoning’. Matig, op z’n best. Maar dat wederom terzijde. Mijn ogen waren begonnen met een interne machtsstrijd. Tegen mij, de baas. En ik verloor. Alleen hadden de ogen dat niet door en gingen ze na de ‘tien tellen’ gewoon door met slaan. Rode, prikkende, brandende ogen. Open? Dicht? Beiden geen optie. Beiden pijnlijk. Hoe slaap je dan? IJsblokjes op m’n ogen leggen? En dan ook weer: open of dicht? Dilemma.
Nadat ik de nacht op miraculeuze wijze heb overleefd met toch enkele uren slaap, was het vanaf donderdag letterlijk niet meer te overzien. Mijn linkeroog wilde nog wel een beetje, maar mijn rechteroog, helemaal niet. Rood. Brand. Vuur. Ik dacht eerst aan voodoo. Direct daarna dacht ik: ‘***********!!!!!’ En: druppelen. Want de woensdag na de bewuste dinsdag, ben ik naar dezelfde drogist gegaan om een nieuwe fles te halen. Die ik dus altijd haalde. Zonder ‘No-Rub’. Plus maal min is… dus… ‘Rub’. En waar het nou door kwam, weet ik niet (…specifieke stilte, speciaal ingeruimd voor de ‘No-Rub’-uitvinder… dit is voldoende, ik vervolg), maar ik moest inderdaad ‘rubben’. De manier waarop Johnny Gill op het einde van ‘Rub you the right way’ zijn ziel en zaligheid in het nummer gooit, was een peulenschil vergeleken met mijn rub- en druppel-acties. Als een idioot. Tot en met gisterenmiddag drie uur ben ik vanaf donderdagochtend met die ogen bezig geweest. Ik werd gek. Wrijven, ijsberen, klokkijken. Is de afspraak al… oh nee, die is pas vrijdag. Morgen.
Donderdag en vrijdag waren, op enkele afwijkingen na, vergelijkbaar. Beide dagen ben ik gaan rijden. Met de auto. Over dat rijden gesproken. Hierover ga ik binnenkort een discussie aan met James Bond. Dit met betrekking tot de gevleugelde uitspraak ‘never say never again’. Want dat doe ik dus ‘never’, met keihard ‘again’ daar kórt achteraan. Lulkoek, James. ‘Cock-cake’ of ‘Cock-cookie’, misschien versta je dat wel, James. Want mijn zicht zónder lenzen is namelijk, om hierover helderheid te verschaffen: ui-ter-ma-te slècht. Dus lenzen draag ik altijd. En met één linker-traanoog inclusief lens dat werd meegezogen door het bijtende, sputterende, wazige, lensloze, rode, daglichtvrezende en glazige rechteroog, werd het niet beter. Doodsangsten uitgestaan op de weg. Ik was intussen ook nog eens spontaan verkouden geworden. Snotteren en huilen.
Beide dagen ben ik bij mijn lenzenleverancier geweest. Donderdag voor enkele tijdelijke lenzen tot de mijne er zouden zijn. De vrijdag was het van zeer korte duur, want degene die mijn ogen controleerde, stuurde me, na een wel twee minuten durende check, diréct door naar het Oogziekenhuis. Ik was al aan het uitkiezen welke rib ik uit mijn lijf zou trekken om desnoods een heli te laten overkomen voor mijn eigen vervoer. Mijn auto was op dat moment écht geen optie. In het oogziekenhuis aangestrompeld, kreeg ik eerst een kleine les driebanden voor negertjes met pijn in hun ogen. Van balie één soepeltjes naar balie twee, met een curve naar balie drie om me in te schrijven en vervolgens -via een boogballetje- naar boven om bij balie vier aan te komen. Dit waren fictieve nummers trouwens. Als ik de echte noem, dan begrijp je het niet meer. Die vierde balie had een mooi bordje hangen, getiteld ‘Spoed-eisende hulp’.
Toen ze me daar om klokslag tien voor één vertelden dat ze om half twee zouden gaan beginnen en dat er nog zes mensen vóór me waren, maar dat dat normaal was, want het was daar altijd druk op vrijdag, vochten meerdere emoties in me om voorrang. Ik wilde eerst zeggen ‘you talking to ME?!’, maar dat had ik wel door na het volgende wat ze zei: ‘Je kèn beter naar je huisarts gaan en een verwijskaart halen, dat werkt sneller’. Punt. Terwijl ik voor haar neus stond. Mijn hele zelf. Met mijn zwarte gezicht onder het bord ‘Spoed-eisende hulp’, recht voor haar neus, kreeg ik die wereldverbeterende tip tegen me aan geslingerd. Woede, slaap, woede, machteloosheid, frustratie, woede, gekheid, op een haar na moorddadigheid, vooruit, nog een beetje woede en voeg daarbij nog wat lepels waanzin.
Ik diende haar van repliek met ‘hah’ en dat was zo ongeveer mijn eerste lach van die dag. Kon ook niet anders met zo’n goeie grap. Ik zat midden in het centrum van Rotterdam en die beste man -mijn huisarts, maar enkel in náááááám- hield praktijk in Zuid. Metro? Auto? Bus? Tram? Fiets? Lopen? Geen van ****** allen. Ik voegde eraan toe dat die man mij pas zou doorsturen wanneer mijn oog eruit zou hangen en dan nog zou hij het even moeten checken. Of het wel een vollédige oogverwijdering zou betreffen. Aan beide ogen, want met één oog kun je best wel zien, Saro. Oh… okay dokter. Maar ik mocht ook blijven wachten, alleen kon het dan wel erg lang duren. Wanneer iemand mij -ter plekke- wetenschappelijk bewijs had kunnen overleggen dat mijn oog uitsteken mínder pijnlijk zou zijn dan dít hele gedoe, dan zou ik het direct doen. Zonder blikken of blozen. Over blikken gesproken: als ze daadwerkelijk konden doden, had ik de dichtstbijzijnde vlieg nog niet eens kunnen aantikken. Ik deed wel mijn best zo te kijken trouwens, maar de tranen gaven iedere geloofwaardigheid weg.
Maar ik stemde toe. Pas nadat ik een minuut had weggekeken van de vrouw en de interne strijd even door had laten woeden. Mijn zelfbeheersing won uiteindelijk glansrijk van mijn emoties. Een rondje gelopen buiten, wat mensen gebeld, sigaretten gekocht (niet gehaald) en vervolgens, na er twee te hebben gerookt, weer naar binnen gegaan. Dit alles met tranen en een zakdoekje. Als iemand me had gezegd dat het een theedoek was, zou ik hem direct geloven. Of een badlaken. Of een stuk gordijn. Mijn zicht werd van kwaad tot erger. Mijn ogen gingen steeds minder open als ik probeerde te kijken. Naar wat dan ook. Het wachten bij balie vier duurde extreem lang. Dat kwam door de pijn, die in intervallen van seconden langsvloog, terwijl de behandelingen met intervallen van een dikke twintig minuten werden uitgevoerd. Nadat er zeker een uur voorbij was gekropen, nog langzamer dan dikke stront, hoe langzaam dát ook moge zijn, werd het verlossende woord gesproken. ‘Saro?’
‘Meneer Saro?’ Alsof er een engeltje naar me riep. Ik gaf me volledig over. Liep op haar af, ging de kamer in en ging zitten. Ik legde het probleem uit voor zover het nog uitleg betrof (nadat ze had gezegd: ‘Nou… vertèl maar.’). Ze wist het meteen en lepelde enkele voorbeelden op over voorgangers van mij. Terwijl ze dit deed, was ze al bezig. Ik mocht het ogen-apparaat in, kin vooruit en, nog niet eerder gehoord in mijn jarenlange ervaring met oog- en lensspecialisten ‘bil naar voren’. Ik negeerde mijn deels beledigde bil en werkte mee. Licht. Auw. Net als bij de lenzenspecialist. ‘Kijk naar boven.. links.. rechts’. Met een wattenstaafje trok ze m’n onderste ooglid ietwat naar voren. ‘Kijk nog eens naar boven’. Splash! Een vloeistof in mijn oog. Is dit wat vrouwen bedoelen als ze het hebben over een ‘facial’? Of wat mannen bedoelen, alleen… laat ik dat maar mooi liggen waar het ligt. Aan de zijkant. In ieder geval: I was seriously… misled.
Op slinkse wijze had ze middels een wattenstaafje iets in mijn onderste ooglid gedropt. Van schrik deinsde ik achteruit en dacht dat het nu helemaal gedaan was met de werkzame periode van mijn rechteroog. Bedankt voor al dat moois…. maar ze begon te lachen en met haar een collega in een aangrenzende kamer, want de deur stond open. Nadat ik haar had gezegd dat ik het niet eerlijk vond dat ze me niet had gewaarschuwd, want de lenzenspecialist deed dat altijd wél, zei ze -volkómen terecht- sorry. Waarop ik zei ‘nee joh, dat hoeft niet’.
Mijn hoornvlies was aardig beschadigd geraakt door het gebruik van de ‘No-Rub’-vloeistof, zo zei de dokter. Misschien was mijn oog al overgevoelig voor dit goedje, maar ik kreeg de verhalen over mijn ‘voorgangers’ nadat ik de naam ‘Kruidvat’ had laten vallen. Op de grond, want ik kon het niet meer vangen, wegens het ontbreken van diepte in mijn zicht. Toen ze die voorbeelden aanhaalde, bedacht ik me dat mijn plotselinge besef, mijn eigen, kleine geheimpje zou blijven. Het ging eigenlijk om drogist ‘DA’. Welke verhalen zou ik dan wel niet te horen krijgen? Nog ergere?
Het was een verdovend goedje en over de ‘lekkerheid’, met betrekking tot zogenaamde ‘facials’, laat ik me niet helemaal uit, maar ik was blij want ik voelde werkelijk geen pijn meer. Dat dit slechts een kleine twintig minuten zou duren, wist ik pas bij minuut 21. Toen stond ik bij de apotheek met m’n recept. De hele winkel bij elkaar aan het snotteren, alsof iemand m’n ziel had geraakt door bij de ingang van de apotheek te zeggen ‘zo, ben je blind of zo?!’
Nu gaat het stukken beter en kan ik weer normaal zien zonder pijn of wat dan ook. Alsof het scherper is dan ooit, je kent het wel, net als ná een blessure, kom je meestal sterker terug. Ik moet nog wel doorgaan met het medicijntje tot komende dinsdag, maar het gaat helemaal goed komen.
Back to basics. ‘Acteur ‘Harry Potter doodgestoken’ en ‘Mourinho betrapt met voorzitter Inter’ zijn misleidende koppen. De acteur die is overleden was niet de acteur die Harry Potter speelt. Dit is erg, het is een mensenleven. Echter, de kop suggereert naar mijn mening iets anders. Wat ik in eerste instantie dacht en ik denk wel meerdere mensen met mij. Al is het er maar één. Maar door zulke berichtgeving bagatelliseert dit medium de dood van deze jongen, omdat men eerst denkt aan de hoofdrolspeler en dan is het leed niet te overzien op aarde, met al die miljoenen HP-fans. Ja… dat staat er écht.
Coach José Mourinho is, voor zover ik weet, niet van de mannenliefde. De voorzitter van Inter ook niet meen ik, maar was het wél zo, dan was Mourinho het nóg niet. En bij afkeuring van de één, is er mijns inziens al een kink in de kabel. Dat het wat anders betreft, wellicht voetbalgerelateerde zaken, daar ga ik overigens wel vanuit. Maar toch, je weet maar nooit.
Voeg hieraan toe de tekst ‘No-Rub’ en het uithangbord ‘Spoed-eisende hulp’ en mijn gedachten dwalen af naar de kop van dit stuk.
(Sterk gedramatiseerd) Gelukkig voor mij, samen met die misleiding, óók….. mijn dierbare rechteroog.
2008