Ergens in Nederland zit een ietwat dementerende man van rond de 67 te kijken naar de televisie. Rond het middaguur. Hij hoort minister Donner aan, nadat deze geconfronteerd wordt met het jaarlijks terugkerende verhaal dat de ouderen en de minima erop achteruit gaan en de rijke(re)n hun rijkdom enigszins consolideren. Donner zei doodleuk dat het kabinet zal doen wat er voor nodig was op de vraag wat er zou gebeuren om het tij te keren. Hij bedoelde zonder twijfel in ieder geval dat ze er een oplossing voor zouden verzinnen. Zonder erop in te gaan, want dat is voorbehouden voor de derde dinsdag van september. Wouter Bos meldde lachend op de vraag hoe dit verkocht kon worden aan de achterban, de mooie, hoopgevende woorden: ‘ik verkoop op dit moment helemaal NIETS. Maar we zoeken een oplossing…’. Etcetera. Of Socutera, want het klonk hoe je het ook wendt of keert nét zo dramatisch als hun filmpjes. Maar zijn gezichtsuitstraling strookte niet met zijn tekst. Hij was té blij.De man zat vol ongeloof voor de televisie. Hij dacht onwillekeurig terug aan vroeger. Terwijl Donner de woorden uitsprak, kon hij namelijk niet anders dan terugdenken. De blik op de gezichten van Donner en Bos deed hem terugdenken aan zijn jongere jaren. Die gelukzalige glimlach, die berusting, die quasi-geïnteresseerde houding, die voldane blik. Met kleren aan welteverstaan. Dat was de reden waarom hij daaraan dacht en niet een andere ordinaire uitspatting. Ze hadden hun kleren aan.

Hij dacht terug aan zijn allereerste date. Hij had afgesproken om naar de film te gaan met een mooie jonge meid. Hij had natuurlijk al lang en breed gehoord over de bloemetjes, orale seks, de bijtjes, neuken, koetjes, masturberen en kalfjes. Toch wilde hij het lot een handje helpen. Hij bedacht samen met zijn vrienden iets wat tot in het hedendaagse tijdperk nog voor de nodige.. verwarring, maar toch ook gemak zorgt.
Hij had nog een uur de tijd en had zijn kleding uitgezocht. Een mooie blouse, een das -voor die tijd heel gewoon om te dragen naar de bioscoop- en een broek. Geen nieuwe, hij had er één klaargelegd die hij al langer in bezit had. Hij liep naar de keuken, pakte een schaar en liep ermee terug naar zijn kamer. Hij deed zijn rechterbroekzak binnenstebuiten en knipte daar vervolgens een stuk vanaf. In zijn hand had hij nog slechts een dwergenpatatzakje.

De bioscoopbroek is geboren.

Sommigen zeggen dat de bioscoopbroek is ontstaan in een sloppenwijk ergens op aarde. Maar dat geloof ik niet. Mensen in sloppenwijken hebben meestal overal gaten in hun broek zitten. Dus dat is dan eigenlijk een omni-/universele broek. En dat is het dus niet. Het is pure opzet. Het kan ook wel eens voorkomen door slijtage, dat is deels waar. Maar dan is het niet per definitie een bioscoopbroek. Want een bioscoopbroek moet in eerste aanleg comfortabel zitten. Er wordt een broek uitgekozen uit een stapel en die wordt het. The chosen one. Wanneer een broek door slijtage daadwerkelijk overgaat in een nieuw leven als bioscoopbroek, dan had het zo moeten zijn voor die broek. En moet hij die taak naar behoren uitvoeren. Anders moet moeder achter de naaimachine om een mooie broek te redden van ‘Der Untergang’. Zonder haar de hele geschiedenis te vertellen natuurlijk.
Want moeders zijn gek.

De man glimlachte en keek weer naar de televisie. Wat had hij verschrikkelijk genoten NA die beginperiode van de intrede van de bioscoopbroek. Want het was wel een vrij stroeve aanloopperiode te noemen. De eerste keren moest hij als een bezetene zorgen dat ze aan de goeie kant ging zitten. Later knipte hij van beide zijden de zakken eruit. Dat scheelde alweer enorm. Qua stress.
Hij zorgde er gewoon voor dat zijn handen vol waren met.. iets. Zij moest dan vervolgens iets pakken. Hij kon het verhaal over het rolletje ‘RANG’ in zijn broek niet steeds blijven volhouden, dus kwam er een andere tactiek om de hoek kijken. ROLO was er nog niet, KING pepermunt was af en toe een optie maar soms stapte hij brutaal over op de Bi-Fi-rol. Wat hij ook verzon, het was steeds één en hetzelfde ding wat zijn dates ter hand werd gesteld. Met wisselend succes overigens, getuige enkele ‘oorlogswonden’ links en rechts. De titel van de film die hij had gezien, was hem ontschoten. Feitelijk wist hij de titel de dag erna al niet meer toen hij de details van het experiment uit de doeken deed tegenover zijn vrienden.

Gezien het feit dat de politieke partijen ten tijde van hun allesvernietigende verkiezingspropaganda uitermate fel tegenover elkaar staan, is dat tijdens debatten nooit terug te zien. Wel woordelijk en een motie van wantrouwen zo nu en dan. In de politiek staat die motie gelijk aan twintig keer aan de noodrem trekken in de trein en welgeteld één keer stil blijven staan. Van die felheid was voor de oudere man niets terug te zien. Hij had het idee dat hij in de spiegel keek terwijl hij Bos en Donner zo gelukzalig zag lachen voor de televisiecamera’s. Hij zag een reflectie van zichzelf, maar dan wel in zijn jongere jaren. Na een uitermate succesvol bezoekje aan de bios.

De man zat achter zijn tv, nog steeds verbijsterd en dacht hardop: “Ach natuurlijk… vandaag is het de 3e woensdag van augustus: bioscoopbroekendag in de Tweede Kamer…hmm.. maar naast wie zat Donner vandaag eigenlijk?”

Op het scherm legde Donner -zonder geluid want er was een voice-over- verder uit voor de camera’s. Zittend op zijn fiets. Geduldig. Verzadigd. Voldaan. Stiekem kijkend naar de uitgang. Het was bijna niet te zien.

Hij genoot bij voorbaat al van de sigaret die hij straks al fietsend op zijn gemakje zou gaan roken. Met niets-verkopende, té blije Wouter Bos achterop. Op dat moment wist Wouter 100% zeker dat dé oplossing binnen ‘handbereik’ zou komen te liggen.

Doe als het CDA, Wouter, en zoek een beetje réchts van het midden.

2007